Vier dimensies

Er zijn geen goede of foute antwoorden op de vragen in het interview: het gaat om je voorkeur. Aan de hand van de vragenlijst wordt bepaald wat de vier dimensie van je persoonlijkheidstype zijn (de letters zijn de beginletters van de Engelse benamingen – de N staat voor iNtuition).

E/I: Extraversie of introversie: Ben je vooral gericht op de buitenwereld of op je eigen gedachtenwereld? Extraverte mensen vinden het leuk om in teams te werken en ontwikkelen ideeën in overleg met anderen. Mensen met een introverte persoonlijkheid houden van een rustige werkruimte en ontwikkelen ideeën als ze alleen zijn.

S/N: Observatie (Sensing) of intuïtie (iNtuition): Heb je vooral interesse in de feiten (realist) of ben je vooral geboeid door wat mogelijk is (vernieuwer)? Een kenmerk van realisten dat van belang is voor een werksituatie is dat zij het liefst stapsgewijs werken aan taken waarvoor ze de werkwijze al kennen. Intuïtieve mensen vinden het juist uitdagend om nieuwe, complexe projecten aan te pakken en werken in vlagen van energie.

T/F: Denken (Thinking) of voelen (Feeling): Maak je beslissingen op basis van logisch, objectief redeneren of op basis van persoonlijke emoties en idealen? Denkers zijn vastberaden en zijn gericht op de taak in plaats van op de groep. Voelers zijn vooral gebaat bij eensgezindheid in de groep. Ze nemen besluiten op basis van persoonlijke of andermans emoties. Mensen met een F-voorkeur kunnen ook prima logisch hun besluit beredeneren, maar zullen dat pas doen nadat hun waarden en emoties gesproken hebben. Wil je iemand overtuigen, houd dan rekening met hun voorkeuren!

J/P: Oordelen (Judging) of waarneming (Perceiving): Leef je het liefst gestructureerd en georganiseerd of juist spontaan en flexibel? Mensen die oordelaars zijn, werken het liefst volgens een planning, beslissen snel en concentreren zich op wat er gedaan moet worden. Ze willen graag elk taakje zo snel mogelijk afronden. Waarnemers houden van verandering, staan open voor nieuwe ervaringen en voelen zich beperkt door te veel structuur. Soms hebben ze moeite met afronden omdat ze steeds nieuwe en nuttige info vinden.

Het zou logisch zijn een type te beschouwen als de combinatie van de vier letters. Deze conclusie is echter niet correct. Achter ieder type schuilt een bepaalde dynamiek, die gelukkig meer is dan de som van de vier voorkeuren.

MBTI is gebaseerd op een dynamische theorie die toelicht hoe voorkeuren onderling worden gecombineerd zodat deze bijdragen tot de menselijke ontwikkeling en het menselijke evenwicht.

Jung gaat uit van het principe dat iedereen over alle Functies beschikt, maar deze Functies op verschillende tijdstippen en niet allemaal met hetzelfde vertrouwen gebruikt. Iedere persoon heeft een natuurlijke voorkeur voor de ene of de andere Functie.